A.A. Vorsterman
van Oyen, "Stam- en
Wapenboek van aanzienlijke Nederlandsche
familiën" (Groningen, 1885-1890, 3 dln), 'Het geslacht de Roever',
III, pag. 74:
"Een broeder van Dirk was
Emond de Roever, ridder,
schepen 1320—38, stamvader van den jongeren tak. Deze vermaagschapte
zich o. a.
met de familiën van der Lake en Ypelaar, en had
zijnen zetel in
den omtrek van Gemert. Een zijner leden, Dirk de Roever van
Rijsbergen, verplaatste
zich naar het land van Breda, werd schepen van die stad 1388—1402 en
stierf
vóór 1420. Hij werd door zijne vier zonen: Roelof,
Pieter, Dirk en Hendrik,de
stamvader van een geslacht, waarvan een tak zijn naam mettertijd Rovers
schreef.
In De Nederl. Heraut 1888 komt eene opgave voor van
verschillende de
Roevers uit bovengemelden tak."
|